Wie in de polder, langs de grote rivieren of in delen van Groningen en Friesland woont, kent het: in de winter staat het water op het gazon en in de zomer trekt de grond open met scheuren waar je je vingers in kwijt kunt. Zware klei heeft een slechte naam, maar eigenlijk is het een van de vruchtbaarste grondsoorten die er bestaan. Het probleem zit vooral in de structuur, en die verbeter je niet door elk voorjaar de schop erin te zetten.
Integendeel: veel spitten maakt klei vaak juist slechter. Je brengt natte kluiten naar boven die keihard opdrogen en je verstoort het bodemleven dat de grond luchtig houdt. Met een paar slimme gewoontes krijg je een kleituin die makkelijker te onderhouden is en er het hele jaar beter uitziet.
Laat het bodemleven het werk doen
Regenwormen, schimmels en bacteriën zijn de beste grondverbeteraars die je kunt hebben. Ze maken gangetjes waardoor water en lucht de klei in kunnen. Dat bodemleven voed je door organisch materiaal bovenop de grond te leggen in plaats van het erdoor te werken. Denk aan een laag compost, gehakseld blad of goed verteerde stalmest van een paar centimeter dik in het najaar.
Wormen trekken dat materiaal vanzelf de grond in. Na twee of drie seizoenen merk je dat de bovenlaag kruimeliger wordt en minder snel dichtslaat na een flinke bui. Werk vooral niet op de grond als die nat is: elke voetstap drukt de klei verder samen. Leg desnoods een plank neer om je gewicht te verdelen.
Een gazon dat niet verzuipt
Gras op klei heeft het zwaar. De wortels krijgen weinig zuurstof als de bodem verzadigd is, en mos neemt het snel over. Verticuteren in het voorjaar helpt, maar beluchten is op klei nog nuttiger. Met een holpijpbelichter of een simpele spitvork prik je om de tien centimeter gaten in het gazon. Veeg daarna grof zand of een mengsel van zand en compost in de gaten, zodat ze open blijven.
Maai niet te kort: gras van vier tot vijf centimeter wortelt dieper en houdt de grond beter vast. Kies bij doorzaaien voor mengsels met Engels raaigras en roodzwenkgras, die beter tegen wisselende omstandigheden kunnen. Op Tuinieren Makkelijk vind je meer informatie over het grasperk en besproeiing, handig als je wilt weten welke hulpmiddelen bij jouw situatie passen.
Planten die klei wel waarderen
In plaats van de grond aan te passen aan je planten, kun je ook planten kiezen die zich thuis voelen in klei. Die hebben baat bij de vele voedingsstoffen en verdragen dat de grond nu eens nat en dan weer droog is. Een vaste plantenborder met zulke soorten heeft na een paar jaar nauwelijks onderhoud nodig.
Plant bij voorkeur in het najaar, wanneer de grond nog warm is maar niet meer uitdroogt. Maak het plantgat breed in plaats van diep en ruw de wanden op, zodat wortels niet in een gladde ‘pot’ van klei blijven rondcirkelen.
- Vaste planten: zonnehoed, ooievaarsbek, vrouwenmantel en herfstaster
- Heesters: sneeuwbal, kornoelje en vlinderstruik
- Bomen: els, wilg en meidoorn voor nattere plekken
- Bodembedekkers: kaukasische vergeet-mij-niet en smeerwortel
Waterafvoer zonder grote verbouwing
Blijft er na regen dagenlang water staan, dan ligt er vaak een storende laag op zo’n veertig centimeter diepte. Een volledige drainage aanleggen is een flink karwei, maar er zijn tussenoplossingen. Je kunt de tuin licht laten aflopen naar een lager gelegen deel en daar een wadi of regentuin maken: een ondiepe kom met planten die tegen tijdelijk natte voeten kunnen.
Ook het afkoppelen van de regenpijp naar een regenton of een grindkoffer ontlast je tuin. Steeds meer gemeenten moedigen dat aan, omdat het riool bij hoosbuien dan minder snel overloopt. Tegels eruit en groen erin helpt bovendien: elke vierkante meter beplanting neemt water op dat anders over de klinkers wegspoelt.
Mulchen tegen scheuren in de zomer
Droge zomers zijn op klei minstens zo lastig als natte winters. De grond krimpt, scheurt en trekt wortels kapot. Een mulchlaag van houtsnippers, stro of grasmaaisel houdt de bodem koeler en vochtiger. Bovendien onderdrukt het onkruid, waardoor je minder hoeft te schoffelen. Geef liever een keer per week flink water dan elke dag een beetje, zodat de wortels de diepte in gaan.






